Door de eeuwen heen veranderde het sinterklaasfeest steeds. In de veertiende eeuw was het vooral een feest voor arme mensen en scholieren. Op 6 december kregen de armen wat brood. De schoolkinderen hadden vrij en kregen geld om feest te vieren. Er werd ook een kinderbisschop gekozen. Die kreeg een mijter, een mantel en een staf voorop lopen in een optocht. Mensen gaven hem geld dat voor de kerk was bestemd. Er werden appels en moten gegeten.
|